header 1

De mediterrane- en succulentenkas  

De mediterrane- en succulentenkas

 

In 1962 werd de kas, die bij de voormalige boerderij stond, bij de tuin betrokken. De kas was ooit bedoeld voor het kweken van groenten voor het klooster, maar werd later ingericht met tropische en subtropische planten. Na de overstromingen van 1993 en 1995 bleef weinig van de beplanting van de tropenkas over. Men besloot voortaan de hele kas op dezelfde (lagere) temperatuur te verwarmen. Het subtropische zuidelijke gedeelte met succulenten (cactussen en vetplanten) uit Amerika en Zuid-Afrika kon men dan handhaven. Het noordelijke gedeelte werd vervangen door een Middellandse Zee-flora.

Zuid-mediterrane planten border 

Zuid-mediterrane plantenborder

Men treft dit klimaat aan rond de Middellandse Zee, maar ook in het zuidelijk deel van Californië, Chili, zuidelijk en zuidwestelijk Australië en de Kaapprovincie in Zuid-Afrika. De aanwezigheid van een grote watermassa zorgt altijd voor een matigende werking op de temperatuurverschillen.

Door de grote variatie in regenval vertoont het mediterraan klimaat een speciaal aangepaste plantengroei. Veel planten hebben taaie bladeren die weinig water afgeven. Vaak zijn deze bladeren voorzien van een extra waslaag. De langdurige droogte verhoogt ook het gevaar op bosbranden. Sommige planten zijn zelfs hieraan aangepast: zij hebben zaden die pas na een brand ontkiemen om vervolgens meteen in een vruchtbare asrijke grond te groeien.

Agenda

26-04 | zomer expositie

Tot en met 16 september 2018 exposeert Diana Wassing uit Roermond ruim 20 unieke sculpturen uit haar verzameling Kunst met karakter in de botanische tuin van Steyl, de Jochumhof. Het is geen typische Afrikaanse kunst, zoals wij die kennen in Europa. De beeldhouwwerken uit Zimbabwe zijn niet primitief maar ze zijn gemaakt vanuit symbolische waarden; het geloof, de natuur, het spirituele en sociale waarden. De Shona-kunst, genoemd naar de gelijknamige stam, ontstond in de jaren 50 in Zimbabwe, onder aanmoediging van Frank McEwen (eerste directeur van de National Gallery in Harare) en Tom Blomefield (tabaksplanter, die zijn bedrijf omschakelde naar de beeldhouwers-commune ‘Tengenenge’). De kunstvorm wordt vaak van generatie op generatie overgedragen. Begin jaren 60 werd er voor het eerst een tentoonstelling in het Rodin Museum van Parijs gehouden; dit was zowat de ‘start’ van de internationale erkenning van deze kunstvorm. rde generatie beeldhouwers verkrijgen in een snel tempo bekendheid en erkenning in Europa en de Verenigde Staten. De beeldhouwers gaan intuïtief te werk; zij schetsen niet op voorhand wat zij willen verwezenlijken. Bij het bekijken van de vorm van de steen, ontstaat er in hun hoofd een idee over datgene wat zij willen bereiken.